Aantekeningen


Treffers 28,151 t/m 28,200 van 28,964

      «Vorige «1 ... 560 561 562 563 564 565 566 567 568 ... 580» Volgende»

 #   Aantekeningen   Verbonden met 
28151 overlijdenskaart Dirk Kuikenga (1908-1978) Kuikenga, Dirk (I3206)
 
28152 overlijdensplaats Dennenoord (Zuidlaren)
http://alledrenten.nl/akte/hindrik-kremer/77de58c6-dc95-405a-bbb0-40f348b6b787 
Kremer, Hindrik (I20029)
 
28153 overluid ’s-Gravenhage 14 april 1564 de Beauvoir, Anna Hendricxsdr (I17660)
 
28154 ovl. voor 1640 op reis naar Oost Indie Barentsz, Pieter (I26542)
 
28155 P.A. Christiaans, Registrum matrimoniale Ecclesiae Romano Catholica in Campo Weltevreden propre Bataviam in insula Java 1809-1828 (De Indische Navorscher 1999)
Matrimonio juncti sunt die 4 ta Februarii 1821
Hermanus van Lingen et Francoise Lonpré
Testibus: Abraham van Harencarspel et Rosalia Schateman 
Gezin: Hermanus van Lingen / Maria Françoise Longpré (F2136)
 
28156 pachter van de impost op het gemaal over de gehele Alblasserwaard
(1676) samen met zijn neef Leendert Cornelisz en zijn zwager Nicolaas van Echten 
Meelhooft (alias Molenaar), Jan Gerritsz (I21206)
 
28157 Padangsch nieuws- en advertentieblad 18-01-1962
https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010228758:mpeg21:a0008 
Micola von Fürstenrecht, Rocina Louisa (I3626)
 
28158 padi, katjang, thee, klappers en kruidnagelen
Verpondingswaarde 154.000 gld
Inwoners 3070
Bouws 4087 
Micola, Johannes (I3619)
 
28159 Palembang - 1852
https://www.defensie.nl/onderwerpen/onderscheidingen/dapperheidsonderscheidingen/databank-dapperheidsonderscheidingen 
Schlüter, Ferdinandus Rodolphus Carolus (I12537)
 
28160 Palembang - Goemeij Oeloe op 4 tot en met 8 april 1857
https://www.defensie.nl/onderwerpen/onderscheidingen/dapperheidsonderscheidingen/databank-dapperheidsonderscheidingen 
Schlüter, Lodewijk Alexander (I13608)
 
28161 parentatie onzeker, op basis plaats overlijden vader. Guldenaar, Wilhelmina Rosalina (I33957)
 
28162 parentatie onzeker, op basis plaats overlijden vader. Guldenaar, Anna Louisa (I33958)
 
28163 Particulier, wonende t Middelharnis verklaarde genoegen te nemen met de ontvangts en uitgaaf van boedelrekening van wijlen Cathalina Verdoes, akte 08-04-1814, hij kocht uit de boedel een zilveren snuifdoos voor 5 gulden. van Gent, Joost Jacobse (I19339)
 
28164 pastor Johan Everard Meijer
doopgetuigen: Christoffel Hendrik Kok, Sophia Schröders 
Kok, Sophia (I8040)
 
28165 patroniem ws Berents, gelet op vernoeming kinderen Griete (I17979)
 
28166 Pefer Roelofs van Merlen-, hij komt voor als schepen (1580 en 1581) en als burgemeester van Grave (1584) 9 ) , zowel als Peter Roelofs alleen, als als Peter van Merlaer en is in 1580 reeds gehuwd met Peterken (later Petronella) 'de Maugre. In een uitvoerige schepenacte van Grave van 3 Oct. 1580 compareren de verschillende erfgenamen in de erfenis van Lens van den Berch, n. l. Baltus van den Berch en Barbara van Steyn, zijn vrouw; Jan Gerrits brouwer en Johanna,
zijn vrouw; de onmondige kinderen van Denis van Aken en Frensken dochter van wijlen jasper van Aken; de onmondige dochter van wijlen Jasper van den Berch; Peter van Merlaer en Peterken zijn vrouw , Wille m van Boidtsdorp als
vader van zijn onmondige kinderen bij wijl e n Grietken van den Berch, en Valentijn du Bois en Geertruyt, zijn vrouw, en verkopen tezamen een rentebrief.
Negen dagen later, n. l. 12 Oct. 1580, komt in een acte voor Peter Roelofs, (zonder familienaam), burgemeester, en Peterken, zijn vrouw; nog eens als burgemeester in 1584.
Hoe haar familienaam was, blijkt uit enige acten voorkomende in het register van procuraties en certificaties van Willemstad, dl . 1635—1648, o.a. van 19 Aug. 1648, waarin genoemd worden Gabrielle van Merler, weduwe van de luitenant
Matthijs van der Walle, en dochter van wijlen Peter Roelofs van Merler, in leven burgemeester van Grave en van wijlen Petronella de Maugre, en haar zuster Aeltken van Merler gehuwd met Ds. Johannes Celosse, predikant
te Willemstad. Genoemde zusters Gabrielle en Aelken van Merler worden dan vermeld als erfgenamen van wijlen Frensken van Aecken, die erfgename was geweest van wijlen Lens van den Berge, in het Kuikse" ( Cuyk ) . Wanneer men nu weer de registers van Grave opslaat en de naam van Lens van den Berge (van den Berch) in het oog houdt, dan vindt men daar in 1563 een acte, waaruit blijkt, dat Lens van den Berch genaamd van der Horst, toen een overleden dochter Gabrielle had, die gehuwd was geweest met Pierson de Magre, bij wie 2 kinderen Jan en Peterken de Magre. Zodat de Gabrielle van Merler, die i n 1648 als weduwe te Willemstad woonde, tot grootouders had gehad Pierson de Ma(u)gre
en Gabrielle van den Berch, en tot ouders Peter Roelofs van Merler en Peterken (Petronella) de Ma(u)gre. En dus evenzo haar zuster Aelken van Merler; opgemerkt wordt nog, dat in de acten te Willemstad deze zusters ook Van Merlaer en V an Merlen worden genoemd. 
de Ma(u)gre, Petronella (I21655)
 
28167 pensioen 1305 gld /jaar van Lingen, Hermanus Johannes Lodewijk Joseph (I3394)
 
28168 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. van den Herik, Huig Cornelis (I31415)
 
28169 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. de Rijke, Jannetje Maria Cornelia (I31459)
 
28170 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. de Rijke, Maria Eleonora (I31458)
 
28171 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. van den Herik, Jan (I31416)
 
28172 periode 27/7 - 9/8
https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMMHW01:000997031:mpeg21:a00017 
van den Herik, Anthonie Jacobus (I31412)
 
28173 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. van den Herik, Maatje Willemijntje (I31413)
 
28174 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. de Rijke, Louise Maria (I31460)
 
28175 persoonskaart Hendrik Raat (1889-1965) de Meijïer, Juliette Frederika (I3565)
 
28176 persoonskaart Luigui Cordesius (1885-1955) vermeldt 22 juni 1945 als huwelijksdatum Gezin: Benjamin van Ginkel / Addy Stella Cordesius (F853)
 
28177 Peter Geerlofsz Donck, j.m. uyt Meerkerk
tr 1e procl. 25-7-1647 Meerkerk en tr. aldaar Maijken Aelberts, j.d. van Meerkerk, beijde aan de Bazeldijck
tr. 2e tussen 1664-1671 Arichie Cornelis [Meerkerk RA.16 6-10-1692] tr. 2e Dirck Cornelis den Besten 
Gezin: Peter Geerlofsz. Donck / Maijken Aelberts (F1435673890)
 
28178 Pierre DOZIJ, greinreder, makelaar, wolverver, geboren 1644 te Valenciennes, gedoopt op 07‑02‑1644 te Valenciennes, overleden ca 1699 te Leiden. In 1668 poorter van Leiden en aangenomen in de Waalse kerk. Herkomst: Valenciennes. Borgg: Francois Dosy en Charles Dozy.

Ondertrouwd op 29‑03‑1668 te Leiden (getuige(n): zijn broer Charel Dosij en haar bekende Jenne de la Peijne), gehuwd 1668 met Michelle Van MIERBEEK, geboren ca 1648 te Den Haag, overleden op 26‑11‑1698, dochter van Van MIERBEEK. 
Dozij, Pierre (I13784)
 
28179 Pierre was in het Staatse leger in dienst van het regiment Bosc de la Calmette als soldaat, korporaal en sergeant voor 12 jaar en 7 maanden. In zijn conduitestaat van 1801 staat dat hij niet goed van gedrag was. Op 26-11-1807 ging Pieter als kapitein van het 8e regiment infanterie met pensioen in Amsterdam (gld 800)
Koning in de Bataafse Armee: de geschiedenis van de 2e halve brigade, Anton K.R. Waanders, 2007 
Mangnez, Pierre (I12439)
 
28180 Pieter Dircksz. van Sonnevelt, geb. ca. 1580, overl. waarschijnlijk Maasland voor 1649,36 bouwman aid., leenman van 5V2 morgen land in Maasland, dat afkomstig was van zijn schoonvader en later in bezit kwam van Gerrit Jansz. Sonnevelt, tr. Sara Doensdr., dochter van Doe Steffensz. (Stevensz.), leenman te Maasland van 1591-1606. Sara woonde op 4-9-1653 bij de Noortdam van Maasland en liet haar testament maken toen zij ziek te bed lag. Haar zoon Doe en dochter Neeltgen zouden de rest van haar leven voor haar blijven zorgen en deze kinderen kregen hiervoor haar goederen en levende have.39 In dit testament worden haar kinderen 1-6 als erfgenamen aangewezen, de overige drie 7-9, worden hierin niet genoemd. Zeker is dat Leentgen (7) een dochter van Pieter is geweest." Mogelijk komen ze uit een eerder huwelijk van Pieter, waarvoor geen gegevens gevonden werden. Gezin: Pieter Dircksz van Sonnevelt / Sara Doene (F1390389918)
 
28181 Pieter Dircksz.; geboren ca.1455 (oud 60 jaar in 1515; 75 jaar in 1531), over leden 1533 te IJsselmonde. Op 25 mei 1548 verklaarde Henrick Aertsz., wonende in het ambacht van Oost-Barendrecht, dat "wijlen Pieter Dircxz. wonende int
Oestambacht van IJsselmonde sijne huijsvrouwe vader sterff onlancx naede laetste groote Innudatie / te weten Int begunsel vand(en) Jaere XXXIIJ lestleden". Pieter Dircksz. wordt vermeld als landpoorter van Dordrecht, wonendte te IJssel-
monde (1521-1526). Hij was gevestigd aan de Hordijk aldaar en vervulde er functies van heemraad in het ambacht van IJsselmonde (vanaf 1492), schout van West-IJsselmonde (1510,1514), hoogheemraad (1503-1518) en dijkgraaf van de vier polders van West-IJsselmonde (1520-1532). In de genealogie Verschoor, verschenen in de Nederlandsche Leeuw jrg.1974, wordt Pieter Dircksz. abusievelijk opgevoerd als een zoon van Dirck Jacobsz. (Verschoor); een filiatie waarvan inmiddels is
aangetoond dat zij onjuist is. (OV 1996, p.330-334). Dat het geslacht Van Driel te IJsselmonde, Rotterdam en De Group teruggaat op Pieter Dircksz., blijkt indirect uit een rentebrief van 1543, gekocht door Cornelis Pieter Dircxz. van IJsselmonde van de thesaurier van keizer Karel V. Het dubbele patroniem dat in deze rentebrief vermeld wordt, toont ondubbelzinnig aan dat Cornelis Pietersz. een zoon moet zijn geweest van de hier behandelde Pieter Dircksz. Vader en zoon komen tezamen voor in een akte van 1529, waarin Pieter Dircxz.(...) van IJsselmonde een pachtcontract afsloot voor 24 (!) jaar voor "den Culck inden Hordijck omgaende van Cornelis Pieterszoons tuijn of tot onser Lieve Vrouwen huysken toe". Deze "culck" in de Hordijk lag ten zuidwesten van het punt waar de oude Smeetlandse dijk op de Hordijk aankwam, "tussen den dijck ende de weteringe". In de polderrekening van Nieuw-Reijerwaard over 1512 komt een betaling voor van 2 gulden door Pieter Dircxz. "van eenen worff". Helaas ontbreken de rekeningen over de periode 1513-1517, maar vanaf 1518 wordt een jaarlijkse betaling vermeld van 3 gulden door Cornelis Pieterss. "van ene worff": blijkbaar was de zoon zijn vader in de pacht "opgevolgd". In 1529 is sprake van "enen scpenenbrief omgaend van Piet(er) Dirckss mit sijne mede doenders van(de) gemeene lants willigen anden Hordijck". Deze wilgen, die blijkbaar een functie hadden ter versteviging van de Hordijk werden van 1530 tot 1532 door Pieter Dircksz. gepacht voor de niet onaanzienlijke som van 16 gulden per jaar. De gemenlands wilgen aan de Hordijk werden in 1534 gepacht door "Cornelis Pieterss. mit sijne mede gesellen"; opnieuw een aanwijzing dat Pieter Dircksz. en Conrlis Pietersz.vader en zoon waren! Uit diverseakten blijkt dat Pieter Dircksz. gevestigd was aan de Hordijk onder IJsselmonde. Vanaf 1497 betaalde hij jaarlijks aan de waarsman van de polder Nieuw-Reijerwaard een bedrag van 10 gulden "vandie putte aenden hordiick". Bij deze "put" moet wellicht gedacht worden aan een stuk laag gelegen weiland, dat bij hoog water werd gebruikt om overtollig water uit de boezem in te laten lopen. Overigens gaan de gedachten hierbij uit naar de "putte" bij de Hordijk die door Cornelis van Driel, de schoonvader van Pieter Dircksz., in 1448 was aangelegd in dc omgeving van de sluis. In de rekening van 1507/1508 werd Pieter Dircksz. niet langer genoemd als huurder van de put. Vanaf 1504 werd in de polderrekeningen van Nieuw-Reijerwaard melding gemaakt van een jaarlijkse betaling van 3 gulden door Pieter Dircxz. vanwege de huur "van den dick van Aert Heynen off tot onze vrouwen pad toe". Ook met deze "dick" werd zonder twijfel de Hordijk bedoeld: hieraan woonde immers ook voormelde Aert Heynen, de stamvader van een ander geslacht Van Driel. De pacht van een stuk dijk was blijkbaar goed bevallen, want de polderrekening van Nieuw-Reijerwaard uit 1507 vermeld een betaling van 16 gulden door Pieter Dirckz. "van den dijck an die noertsij". Overigens komen Pieter Dircksz. en Aert Heijnricsz. al eerder samen in een post voor en wel in de rekening van de rentmeester van het ambacht Ridderkerk over 1499/1502. Onder de ontvangsten van het Nieuweland van Ridderkerk is sprake van de pacht van "dat eerste block vande(n) Zwijndrecht(se) dijck af en(de) streckt tot Mar(tijn) Meusz. vier merg(en) toe en(de) hout XXVIJ merg (en) ghecoft Pieter Dijrckz. en(de) Aert Heij(n)ricz. om XIJ lb.". Ondanks zijn notabele positie in IJsselmonde droeg Pieter Dircksz. tot zijn steentje bij als de nood hoog was. In de rekening van de waarsman van West-IJsselmonde over de jaren 1508/1510 komt hij tweemaal voor in de (lange) lijst van personen die daggelden kregen omdat zij geholpen hadden "toen men den dijck met grote kracht houden moest": hij ontving vergoeding voor een bijdrage van vier, resp.twee da-
gen. Op 28 en 29 augustus 1505 vond regeling plaats van een conflict betreffende de afwatering van het nieuwe land van IJsselmonde. Hierin stonden Floris Oem van Wijngaerden en Pieter Dircx, beiden als ingelanden van de nieuw bedijkte
landen van het Oost- en Westambacht van IJsselmonde, tegenover de ingelanden van Reijerwaard, Charlois en Dirk Smeetsland. Onder de vertegenwoorditers van de andere partij werd nog een Pieter Dircksz. genoemd, en wel als "dijkheemraad in de heerlijkheid van Charloisland en Dirck Smeetgensland"! Er was dus sprake van twee personen met de naam Pieter Dircxz., waarbij de eerste vermoedelijk identiek is met Pieter Dircksz., grondheer van Charlois, en de twee Pieter Dircksz.
wonende aan de Hordijk onder IJsselmonde. Op 10 januari 1511 werd door Pieter Dircxz., schout van IJsselmonde, bij het Hof van Holland een request ingediend in zijn zaak tegen de "vutegevers vanden land van Chaerlois". Hij diende dit
verzoek in om een zekere "ghiselinge" te laten opheffen, die naar zijn mening onterecht was opgelegd. Wellicht hield deze beslaglegging verband met de processen die de "uitgevers" van Charlois voerden. Dit zou kunnen worden afgeleid uit
een volmacht van 14 mei 1510, die mede werd ondertekend "bij mij Pieter Dirksz."
Het is overigens niet onmogelijk dat deze ondertekenaar niet Pieter Dircksz. aan de Hordijk was, maar diens naamgenoot de "uitgever van land" of "grondheer" van Charlois, die vermoedelijk elders gevestigd was. Dat deze "grondheer" Pieter
Dircksz. niet identiek is met Pieter Dircksz. aan de Hordijk blijkt opnieuw uit een akte van 3 augustus 1529. Op die datum waren in Rotterdam vergaderd de vertegenwoordiger van de grondheren van de nieuwe dijkage van de Hille(polder) in
Charlois. Onder deze grondheren werden o.a. genoemd: Jacob Dircxz. uit naam van de weduwe van Mr. Frans Diricxzoon, Pieter Dircxz. als voogd van de weeskinderen van Mr. Frans Diricxz. voornoemd, "Pieter Dircxz. aenden Hortdijck", en Cornelis Dirck Jacobsz. Er werd dus duidelijk onderscheid gemaakt tussen Pieter Dircxz. (zoon van Dirck Jacobsz., grondheer van Charlois), die in deze akte vermeld werd als voogd van de weeskinderen van zijn broer Frans, en de als tweede genoemde Pieter Dircksz., wonende aan de Hordijk. Opmerkelijk is dat Pieter Dircxz., wonende aan de Hordijk, in de laatstgenoemde akte wel genoemd werd onder de "grontheeren ende geerffden vander nieuwe dijckagien vande Hille in Charlois" en hierin voor 1/20 deel gerechtigd was. Uit het kohier van de 10e penning van Charlois uit 1543 blijkt, dat de Hillepolder ongeveer 240 mogen groot was, wat betekent dat de portie van Pieter Dircksz. ca. 12 morgen was. In 1543 werden als
gebrukkers of eigenaars van land in de Hillen vermeld: Jan Heindricxz.(2,5 morgen), Lenaert Pietersz. (14 morgen), Aert Heindricxz. (2,5 morgen), Neel Dircx (9 morgen) en Heindrick Aertsz. (10 morgen). Het ligt voor de hand in deze per-
sonen de erfgenamen van Pieter Dircksz. te zien: twee zoons (Cornelis Pietersz. alias Neel Dircksz., Lenaert Pietersz.), een schoonzoon en twee kleinzoons (Hendrick Aertsz., gehuwd met Lijsbeth Pieterss, met hun zoons Jan en Aert Hen-
dricksz.). Het totale oppervlakte dat door de erfgenamen in 1543 in de Hillepolder werd gebruikt was veel groter dan de 12 morgen waarvan Pieter Dircksz. in 1549 eigenaar was, maar dit kan in de tussenliggende periode door koop of pacht
zijn uitgebreid. In het archief van het Huis te Warmond, aanwezig in het Leidse Gemeentearchief, bevinden zich stukken die betrekking hebben op landerijen in West-Barendrdcht, afkomstig van de familie van Beveren. Onder deze archivalia
bevindt zich een akte van 5 juni 1527, waarin een zekere Dirc Adriaensz.Verhuel uit Mijnsheerenland verklaarde dat hij had verkocht aan Pieter Dricksz. in IJsselmonde, voor de ene helft, en Heij(n)rick Aertsz. "sijn swager"(=schoonzoon),
voor de andere helft" "alle alsulcken uutterlant als hij had leggen(de) in Westbarendrecht genoe(m)t Jacob Damasz. ambocht bijttensdijcks". Het betrof bij deze koop vier percelen, alle gelegen in het ambacht van West-Barendrecht, strek
kende van de Nyeuwendijck "then diepen toe", d.w.z. tot in het "diepe" van de rivier de Oude Maas. Vooral het eerste perceel is interessant, omdat als belenders van dit "uutterlants" worden genoemd: Aernt Heynricksz. van Dordrecht "mit
Cornelis Dircksz. en(de) Leenert Piet(ers)z. sijn broed(er)s beijd(en) lant". In deze belenders zijn twee zoons van Pieter Dircksz. te herkennen, die in deze akte expliciet worden aangeduid als "broeders": Cornelis Pietersz. alias Corne-
lis Dircks, en Leendert Pietersz. Overigens was mede-eigenaar Aert Heijnricxz. in Dordrecht beslist niet identiek met Aert Heijnen, die reeds was overleden in 1525: Aert Hendricksz. in Dordrecht was de grootvader van Margriet Wensen, de
echtgenote van Cornelis Claesz. van Driel!
Pieter Dircksz. heeft meerdere zaken voor het Hof van Holland moeten uitvechten. Op 13 maart 1521 werd door het Hof vonnis gewezen in de zaak tussen Pieter Dricsz., eiser, en Jan Jacobsz., baljuw van Zuid-Holland, die namens zijn vader Jacob Jacobsz. optrad. Het betrof een zaak waarin het "gebruik" van de korentienden van West-Barendrecht betwist werd. Pieter Dircksz. had aangevoerd, dat dit hem voor het jaar 1520 en de volgende zeven jaren toekwam. uit hoofde van een contract dat hij had gesloten met Jacob Jacobsz. Ook met de besturen van de polders in de omgeving van IJsselmonde had Pieter Dircksz. regelmatig onenigheid. Zo blijkt uit de rekening van het naburige Nieuw-Reijerwaard over 1528/1529, dat met "Piet(e)r Dirckss. mit sijnen volck" door de bode voor de heemraden had laten dagen, toen men een rechtdag had betreffende het "malen". In 1531 was opnieuw een geschil gerezen tussen dijkgraaf en hoogheemraden van Riederwaard, enerzijds, en Pieter Dircxzoen van den Hordijck c.s., anderzijds. Ditmaal ging het conflict over de kosten van het maken van zekere 200 roeden dijk "genaemt den Hordijck", "midt oick der huyeren vand(en) culck". Bepaald werd, dat de oude keur geldig zou blijven en dat Riederwaard een derde deel van de reparatiekosten zou moeten betalen, terwijl de rest verdeeld werd over de ingelanden "alsoe veel elcx voir zijn huijs, berge ofte schuere strect ende ooc bepoot, betheelt, ende besteken heeft, mit willigeboomen, onf anderssins". Met betrekking tot de huur van de Kulck bij de Hordijk, werd afgesproken "dat sij luijden oick betaelen sullen vanden culck de acht Karolus guld(ens) jairlicx". Iets over de activiteiten van Pieter Dircksz., gelegen buiten de directe verantwoordelijkheden van zijn functies in dorps- en polderbestuur, valt af te leiden uit een tweetal posten in de polderekening van Nieuw-Reijerwaard over 1531/1532. Hieruit blijkt dat Pieter Dircksz. 72 gulden
ontving "vanden Horddijck te maken alsoo hij dat vanden hogen heeren angenomen heeft" Overigens was bij gelegenheid van deze aanbesteding voor een flink bedrag verteerd, namelijk voor 5 gulden en 2,5 stuivers.
Pieter Dircksz. huwde met N.N. Cornelis van Drielsdochter; Geboren naar schatting rond 1460 te IJsselmonde. In 1493 had "Neel van Drielsdochter" 14 morgen land in Slikkerveer gehuurd van de voogden van Ariaentje Willems Fijck, een weeskind uit Rotterdam. Dat de vrouw van Pieter Dircksz. een dochter van Cornelis (Dircksz.) van Driel moet zijn gweest valt af te leiden uit een reeks aanwijzingen: Allereerst het feit dat de nakomelingen van haar zoons Cornelis "de oude", Cornelis "de jonge", maar ook van haar dochter Lijsbeth, de familienaam Van Driel gingen voeren. Een tweede sterke aanwijzing is, dat twee zoons van Pieter Dircksz. de voornaam Cornelis hadden, waarbij opmerkelijk is dat een van hen, Cornelis Pietersz. de oude, verschillende keren getooid werd met het alias "Neel Dircken". In hem was Cornelis Dircksz. van Driel alias Neel Dricksz. met zijn volledige naam, d.w.z. inclusief patroniem, vernoemd!. Een derde belangrijke aanwijzing is gelegen in het feit dat de landerijen en bezittingen van de nakomelingen van deze dochter van Cornelis Dircksz. van Driel naast of in de directe nabijheid lagen van bezittingen van de Ridderkerkse leden van het "oude" geslacht Van Driel, die eveneens van Cornelis Dircksz. afstamden. Het vierde gegeven dat tot deze conclusie heeft geleid is, dat tussen de diverse "takken" nog lang banden hebben bestaan die geleid hebben tot het onderling optreden als doopgetuige, borg, voogd, etc.
[Zie: Drie verwante geslacht Van Driel, (Zuid-Hollandse eilanden, ca. 1350-1650) door C.Sigmond en K.J.Slijkerman]. 
Dircksz, Pieter (I21870)
 
28182 Pieter Jacobss wedr. van Adriaentjen Willems, met Dijngentje Claes, wede. van Jacob de Vos, beijde alhier woonachtich. Bevesticht den 28 Decemb. 1655
https://archieftholen.nl/onze-bronnen/bladeren-in-archiefbronnen/registers/097a6ddf-c8f9-4cac-ac5b-982ccda308cc 
Gezin: Pieter Jacobse Slager / Dingetje Claes (F827)
 
28183 Pieter Jansz. van Driel wordt genoemd in een aantal losse aantekeningen in het handschrift van Wouter van Goudhoeven: "Anno 1421 leefden in Swindrecht als lantpoorters van Dordrecht Heijke, Pieter, Dierc en Jan van Driel Janszonen".
Pieter van Driel waepen (tuger?) van die van (Dordt?) voor Leiden int beleg Ao 1420". "Pieter Jansz. van Driel, schout in Papendrecht 1434". 
van Driel, Pieter Jansz (I21885)
 
28184 Pieter Rattié, testament 26-07-1753, Not. archief inv. 1989, akte 76, Regionaal Archief Leiden Rattié, Pieter (I13530)
 
28185 Pieter S. Schull (advocaat) wonende te Dordrecht
https://stadsarchief.breda.nl/collectie/archief/genealogische-bronnen/deeds/c695cbeb-120b-4bc7-33a4-640024736c70 
van Es, Thomas (I24261)
 
28186 Pieter was getuige bij het huwelijk van zijn broer Philip in 1671. In hetzelfde jaar traden Pieter Douw en Jannetje Verboom op 23 augustus 1671 als doopgetuigen bij de Remonstrantse doop van Lecia, dochter van mr. Leonard Verboom en Maria van den Have in Rotterdam. Leonard Verboom was een broer van Jannetje. Op 22 april 1677 trad Joris Gerstecoren als administrateur van de desolate boedel van wijlen Pieter Douw. Hij verkreeg toestemming om enige juwelen te verkopen om de schulden te betalen. Leonard Verboom 'of dochter' blijkt nog schulden aan de boedel van Pieter Douw te hebben, vermoedelijk afkomstig van de huwelijkse voorwaarden' Douw, Pieter (I13065)
 
28187 Pieternella Tak
Kadastraal eigenaar in 1832 Oosterland

Kadastrale gemeente (community) : Oosterland
Kadastrale aanduiding (cadastral indication) : F 364
Eigenaar (owner) : Pieternella Tak
Opmerking (note) : weduwe D. van der Have
Woonplaats (residence) : Oosterland
Beroep (occupation) : arbeidster
Eigendom (property) : huis en erf
Oppervlakte (area) : 0,0175 hectare
Klasse ongebouwd : 1
Klasse gebouwd : 9
Belastbaar inkomen ongebouwd : 0,67 gulden
Belastbaar inkomen gebouwd : 27 gulden
Totaal belastbaar : 27,67 gulden
Hiervan kunnen geen kopiedn worden besteld / No copies can be ordered




Bron:
Oorspronkelijke Aanwijzende Tafels 1832

Archief:
Zeeuws Archief: Kadaster inventarisnummer

Oorspronkelijke Aanwijzende Tafels 1832 
Tak, Pieternella (I5144)
 
28188 pk zoon Cornelis Swart, Grietje (I5124)
 
28189 Plaats Leiden??????????
Datum 21-07-1672
Bron Dopen Waalse kerk
Kind Jacob Carpentier
Datum geboorte 19-07-1672
Vader Nicolas Carpentier
Moeder Jehanne Charles
Getuige Trintie Weillems
Getuige Philippe Bern
Archiefnr 1004
Inventarisnummer 274
Inventaris beginjaar 1670
Inventaris eindjaar 1700 
Carpentier, Jacobus (I18226)
 
28190 Plaats Roosendaal
Bron Doop-, Trouw- en Begraafregisters (DTB)
Periode 1653 - 1664
Deel Roosendaal Parochie St. Jan de Doper doopregister, 1653-1664
Archiefnummer 242
Inventarisnummer 100 (DTB6)
Religie R.K.
Soort registratie doopakte
Datum doop 22-06-1659
Diversen Getuigen: Maria Baltens
Kind Balthazar Lambrechtssen
Geslacht m
Moeder Heijltjen Baltens
Vader Bartholomaeus Lambrechtssen 
Hofmans, Balten Bertelen (I11954)
 
28191 plaats overlijden: Simon de Wit; http://home.hetnet.nl/~simondewit/dejonge.htm Evers, Abel (I1646)
 
28192 Plaats van overlijden wordt genoemd in de overlijdensakte van Onne Berends Feringa Jacobs, Barber (I2643)
 
28193 Plaats: Samarang
Datum: 01-01-1832
Opmerking: Laatst wonende te Semarang. 32 of 33 jaar, geboren te Halsteren, op 26-12(sic?)-1798 gehuwd met Helena Tobias. Zoon van Pieter Franciscus Dessel en Johanna Schrams (Schroons)(beiden overleden)
Betreft:
Op 17-jarige leeftijd in dienst tot 1822 bij het 15e Bataillon van Linie. Van toen af vertrokken naar de Oost, dienende tot 1829 of 1830. Zich nederzettende als koffiehuishouder en herbergier te Samarang. Beschuldigd van oproerige gesprekken is hij gedeponeerd in het Huis van Verzekering te Middelburg. Hem is een verhoor afgenomen op 28-10-1831
https://www.zeeuwsarchief.nl/onderzoek-het-zelf/archief/?mivast=239&mizig=862&miadt=239&miaet=18&micode=6.1-RELGOUVERNEUR&minr=16715228&miview=ldt 
van Dessel, Joannes Franciscus (I1380)
 
28194 predikant te Midwolde en de Leek
https://www.allegroningers.nl/bladeren-door-bronnen/registers/44a61b38-e047-0c7e-e82a-035580c60ee2 
Bollaert, Nathan (I533)
 
28195 predikant te Westwoud en
Binnenwijzcnd 1802, Bennebroek 1805, Harlingen 1815,
emeritus 1850 
Farret, Dirk Pieter (I13033)
 
28196 procuratiehouder Walbrink en Co. van Zanten Jut, Cornelis Johannes (I23107)
 
28197 proefstuk een cachet (lakstempel) Bogaart, Carel (I11420)
 
28198 Prof Dr Smallegange, Govert Johannes (I4904)
 
28199 R.A. Cromstrijen 48
Aagje Cornelisse Hoeck met haar moeder Geertje Gijsberts Groote op attestatie van Claeswael naar Numansdorp 28-12-1682
Voogd over de kinderen van Aagje is Arie Cornelisz Weeda 
Hoeck, Aagje Cornelisse (I19351)
 
28200 R.A.Krimpen a/d Lek 42 dd 17-1-1693, Lijkschouwing i.v.m. onnatuurlijke dood van Cornelis Pieterse Timmerman (geen doodsoorzaak vermeld, vermoedelijk verdronken).

ouderling 1686 en 1691 te Krimpen ad Lek 
Timmerman, Cornelis Pietersz (I21713)
 

      «Vorige «1 ... 560 561 562 563 564 565 566 567 568 ... 580» Volgende»